In het CV vermeld je je persoonsgegevens, opleidingen en cursussen, werkervaring en andere onderwerpen.
Persoonsgegevens: je naam, adres, telefoon, e-mail, geboortedatum en geboorteplaats.
Opleidingen en cursussen: vermeld je diploma`s en certificaten. Noem ook modules en cursusonderdelen die je hebt gedaan.
Werkervaring: noem de bedrijven en functies en beschrijf je taken, verantwoordelijkheden, vaardigheden en resultaten. Als je voor het eerst solliciteert, schrijf dan ook je bijbanen en stages op.
Andere onderwerpen: dit kunnen persoonskenmerken (flexibel, zelfstandig, initiatiefrijk, soms ongeduldig), je afstudeeropdracht of scriptie, hobby`s en vrijetijdsbesteding zijn.
Zorg dat je CV netjes is getypt en geprint. Maak een ruime lay-out met veel witregels en een duidelijke kantlijn. Gebruik "inspringen" (tabs) en opsommingtekens om duidelijk te laten zien wat bij elkaar hoort.
Wees zuinig met afkortingen (vakken of functies bij voorkeur niet afkorten, de afkortingen zijn voor buitenstaanders vaak onbegrijpelijk)
Maak je CV niet langer dan één of twee A4-tjes.
Lees je CV goed na en maak gebruik van de spellingscontrole op je computer.